In het door Elisabeth Sleutjes gemaakte gedicht verhaalt zij over haar genezing en de tekenen en woorden die daarmee gepaard gingen. Het begon eigenlijk met een droom, later een vreemd licht waarin ze iemand op de muur zag schrijven. Op de dag van kerstmis 1976 hoorde zij een 'hevig geruis', waarna ze een stem hoorde die Elisabeth duidde als de stem van Maria, de Moeder van God. De eerste keren dat Elisabeth de stem hoorde wijkt af van de vele keren die daarop volgen, waarbij haar gezegd werd de boodschap letterlijk op te schrijven. Elisabeth vertelt dat zij die eerste keren niet als een extase beschouwt omdat ze alles in haar kamer bleef waarnemen. Op de vraag wat volgens haar wel of geen extase is, vertelde zij dat bij een extase de iaardse wereld plotseling bij haar wegvalt. Ze ziet haar kamer, de muren en de meubels niet meer ook hoort of voelt ze niets meer. Het enige dat zij soms voelde, waren de pijnen van de stigmata. Tot 11 februari 1978 hoort Elisabeth alleen de Stem. Tijdens deze extases ziet ze alleen licht en het papier waarop zij de Boodschappen opschrijft. Vanaf 11 februari 1978, de dag waarop zij Maria voor het eerst mocht zien, ziet ze in dat licht Maria en op de eerste dag van 11 februari 1978 tevens 18 kerken. Vanaf die dag ziet zij tijdens de extases Maria veelvuldig maar niet altijd. Maria ziet zij meestal in het lila als Toren van David, doch ook meerdere malen in het wit of in het rood bij bijzondere aangelegenheden. Ook heeft Elisabeth in extase enkele malen de aan het Kruis hangende, lijdende Christus gezien (zie interview hierover van Jac van der Coer met Elisabeth dat u op een van de nieuwsrubrieken op de home pagina aantreft) en de Heilige Jozef. Ook de drie Aartsengelen heeft zij in een van haar extases gezien. 'Ze zag geen vleugels, het waren jonge mannen', zo vertelde zij. Meerdere malen zag Elisabeth in een extase wel een bepaald aards voorwerp. Zo heeft Elisabeth tijdens extases in de kapel meerdere malen, naast de Verschijning, het tabernakel gezien. Dit leek dan te zweven omdat ze het altaar en de omgeving of achtergrond niet waarnam.
Aankondiging van Verschijningen en tijdstip.
Hierin is niet direct een vast patroon te herkennen. Wel zei Elisabeth vaak een voorgevoel te hebben. Velen die haar kennen weten evenwel ook dat ze het hiermee vaker mis had. In de eerste jaren gingen aan een Verschijning vaak bepaalde tekenen vooraf. Vooral het Mariabeeld van de Rosa Mystica dat er vanaf 18 december 1977 was geplaatst vertoonde vele tekenen die soms door aanwezigen werden waargenomen. Zo begon soms spontaan de rozenkrans aan de handen van Maria's beeld te bewegen of trad er kleurverandering op bij een van de rozen van het beeld òf begon het beeld te stralen. Getuigen vertellen dat de witte roos van het Rosa Mystica-beeld vaak blauw was tijdens een verschijning aan Elisabeth. Veelvuldig en door vele getuigen is de plotselinge rozegeur waargenomen, welke vaak voorafging aan een verschijning. Toch betekende dit niet dat er altijd een verschijning volgde. Regelmatig kwam het voor dat tijdens een extase Maria zelf aankondigde op welke dag Zij terug zou komen, al dan niet met het tijdstip waarop. Er zijn vele dagen geweest dat Elisabeth meerdere malen een verschijning en Boodschap heeft gekregen.
Maria dicteert, Elisabeth schrijft.
Bijna elke verschijning ging gepaard met een Boodschap waarbij Elisabeth als bij een dictee de gesproken woorden opschreef. Elisabeth kreeg dus geen verschijning waarbij zij in visioenen of in "beelden" bepaalde Boodschappen kreeg overgebracht. Al haar Boodschappen zijn dus gedicteerde teksten. Anders dan visioenen, waarbij beeldend iets wordt uitgedrukt en waarbij in het nadien beschrijven van hetgeen is gezien, de eigen interpretatie, interesse, verlangen of angst, ervaring of kennisniveau van de zienster een belangrijke rol kunnen spelen, lijkt deze persoonlijke toestand geen rol te spelen bij de "dictee-vorm". Wel kunnen bij deze dictee-vorm taal- of verstaansfouten voorkomen hetgeen bij Elisabeth ook veelvuldig is voorgekomen. Als voorbeeld kan hierbij gelden, dat met verwijzing naar de "kananeese vrouw" (in de bijbel terug te vinden in het evangelie van Matteüs 15,22). Elisabeth noteerde "Canadeese vrouw". Ook gebeurde het regelmatig dat Elisabeth één of enkele woorden oversloeg of verwisselde. Indien dit tot verwarring of onbegrip zou kunnen leiden werd dit vaak door Maria zelf, tijdens die verschijning of in een volgende verschijning kenbaar gemaakt en werd de correcte tekst weergegeven. Ook is op deze wijze door Maria de helpende hand geboden in onjuist 'gecorrigeerde' teksten. Op dit onderwerp zal verderop nog worden teruggekomen. Op 26 juni 1981 zegt Maria over extases in een Boodschap : "Zo zullen ook zij die gekozen zijn om de Boodschappen van de Hemel uit te dragen, nimmer bedriegen, zolang zij in extase iets doorgeven".
Op deze video ziet u een extase (3 nov '89) waarbij Elisabeth in haar ziekbed ligt en de boodschap noteert. Het begin van de extase is niet gefilmd. U ziet haar regelmatig woorden wisselen met Maria. Verder kunt u opmerken dat ze niet bewust is van wat om haar heen gebeurt, gezang en gebed van de gebedsdienst in de kapel gaan gewoon door.Voorzover de video dat toelaat ziet u nooit haar ogen knipperen.
Experimenten en vastlegging van extases.
Op 26 november 1978 is in een privé-Boodschap antwoord gegeven op een vraag of een arts bij Elisabeth aanwezig mocht zijn en hoever deze dan mocht gaan met experimenten. Elisabeth ontving als antwoord: "Tijdens de extase mag deze medicus naalden in haar lichaam brengen. Tijdens zijn handeling zult gij filmen Jacobus (bedoeld wordt Jacques van der Coer) om later na te kunnen gaan of dit schrikreacties opleverde. Hij mag zelf naar eigen goeddunken andere methodes toepassen". Dit experiment is echter nooit uitgevoerd. Waarom dit niet is gebeurd, kan niemand zeggen. Blijkbaar had men er weinig behoefte aan. Opvallend is de getuigenverklaring van Jacques van der Coer, dat Elisabeth die veelal minder dan vijftig kilo woog, loodzwaar en bijna niet te tillen was als zij in extase was. Ook een andere aanwezige heeft dit eens zelf mogen ervaren. Jacques van der Coer die tijdens het merendeel der gebedsdiensten video-opnames heeft gemaakt, heeft vele malen vastgelegd hoe het extase-proces uiterlijk verloopt (u kunt dit zelf bekijken bij videobeelden van extases onder de hoofdnavigatie bij de rubriek zienster en de rubriek gebedsdiensten). Elisabeth gaat daarbij veelal met een 'lichte schok' in extase, vouwt veelal eerst haar handen en neemt vervolgens, de in haar nabijheid gelegen ringband met papier en begint te schrijven. Opvallend is dat zij tijdens de extases die veelal ongeveer dertig minuten duren, volstrekt niet met haar ogen knippert. Haar oogleden blijven geopend. Elisabeth kijkt regelmatig op naar de Verschijning en dan weer naar het papier. Op sommige video's zien we hoe zij, veelal veel sneller dan zij normaal schrijft, enkele regels doorgaat met schrijven terwijl ze naar de Verschijning blijft kijken. Na afloop van het schrijven heeft Elisabeth soms nog een persoonlijk gesprek met Maria, soms zijn daarbij Elisabeth's woorden of vragen verstaanbaar. Elisabeth, vroeg ook vaak aan Maria om niet weg te gaan òf om mee te mogen gaan. Aan het einde, veelal na een kruisteken, keek Elisabeth langzaam omhoog, als keek zij iemand na, die in de lucht verdwijnt. Na afloop, als zij bijkwam keek ze vaak verbaasd en enigszins verschrikt om zich heen en zoals ze zegt besefte zij weer langzaam waar zij zich bevond. Op de video is ook te zien hoe zij na afloop meestal eenmaal diep zucht. Dit einde van de extase gaat gepaard met verkrampte en pijnlijke handen en voeten. Na afloop van de extase leest Elisabeth de Boodschap door en plaatst, naar eigen inzicht, leestekens. Sommige leestekens en eventuele onderstrepingen heeft zij evenwel op verzoek van Maria al geplaatst. Vervolgens, indien er pelgrims aanwezig waren, las zij de hele Boodschap hardop voor.